Spitten, een ingebakken reflex die eigenlijk schadelijk is voor de gezondheid van uw tuin, volgens deskundigen
© Sapporo-almere.nl - Spitten, een ingebakken reflex die eigenlijk schadelijk is voor de gezondheid van uw tuin, volgens deskundigen

Spitten, een ingebakken reflex die eigenlijk schadelijk is voor de gezondheid van uw tuin, volgens deskundigen

User avatar placeholder
- 03/02/2026

De ochtend is stil, behalve het zachte kraken van een vers omgespitte aarde onder de laarzen. Veel mensen kennen dit beeld: het vertrouwde ritueel van bêchelen, nog voor dat het jonge groen zich uitbreidt over de kale tuin. Maar waarom blijft die grond, ondanks al het werk, soms zo zwaar en levenloos aanvoelen, en waarom duiken overal weer paardenbloemen en distels op?

Een diepgewortelde gewoonte

In tuinen, net zoals op het platteland, grijpen mensen al generaties naar de schop. Bêchen voelt vanzelfsprekend. Handen pakken steel en ijzer, want zo hoorde het, leren we als kind. Maar dit mechanische vertrouwen is jonger dan het lijkt. Diep ploegen, zoals de grote landbouwmachines deden, werd schaalloos naar de achtertuin gekopieerd.

Toch verschilt de moestuin wezenlijk van de akkers. Onder het oppervlak leeft een onzichtbare samenleving. Elke bodemlaag heeft zijn eigen bewoners en structuren: wormen, schimmels, en bacteriën vormen samen een fijn afgestemd systeem. Zodra de schop erin gaat, wordt deze wereld opgesplitst en gemixt. Het gevolg? Lucht komt diep in de grond, organisch materiaal verbrandt sneller. De groei lijkt even te versnellen, maar uiteindelijk daalt de vruchtbaarheid.

De prijs van verstoring

Vele tuiniers hopen met bêchelen hun aarde luchtig te maken, maar onder hun voeten gebeurt iets tegengestelds. Wormengangen – belangrijke routes voor water en lucht – breken af. Regen maakt van pas bewerkte grond snel een harde korst, waarin wortels moeilijk kunnen ademen of groeien.

Wat vaak onzichtbaar blijft is het doorsnijden van het mycelium. Dit netwerk van schimmels, het zogenaamde 'Wood Wide Web', verbindt planten en zorgt stilletjes voor uitwisseling van signalen en voeding. Eén ruk aan de schop volstaat: planten raken hun verbinding kwijt, de samenwerking onder het oppervlak stokt.

Onkruiden uit de diepte

Na enkele weken verschijnen ze, onuitgenodigd: paardenbloemen, distels en ander taai onkruid. Door bêchen wordt de bodembank aan slapende zaden omgespit – zaden die soms jarenlang wachten op licht en lucht. Plotseling hebben ze vrij spel. Waar de tuinier zo graag 'schoon' wilde beginnen, ontstaat juist een explosie aan concurrentie.

De kracht van laten liggen

Wie lang genoeg tuiniert, ziet het verschil op percelen waar de schop bleef liggen. Bodem bedekt houden – met bladeren, hooi, stro of zelfs karton – houdt vocht en leven vast. Mulch en compost voeden traag. Groenbemesters als phacelia of mosterd wortelen diep, breken de grond open zonder chaos.

Steeds meer tuiniers kiezen voor de grelinette: een brede vork die de aarde openbreekt zonder haar te keren. Zo blijven de natuurlijke lagen en hun bewoners gespaard. De aarde ontspant, planten vinden hun plek zonder strijd.

Natuur als bondgenoot

In plaats van voortdurend ingrijpen, groeit het besef dat de aarde geen vijand is. Samenwerken met microben, wormen en planten levert een rijker, rustiger groeiritme op. Wie oog heeft voor deze ritmiek van de natuur merkt: niet alles hoeft ondersteboven.

De tuin wordt geen slagveld, maar een plek waar de bodem zichzelf mag herstellen. En op lange termijn blijkt: laten liggen is verre van lui, het is vaak de weg naar een vruchtbare, levendige tuin.

Zo verschuift het vertrouwde beeld langzaam. De schop staat vaker aan de zijkant, de aarde rust onder een beschermende laag. En onder het oppervlak gebeurt meer dan ooit.

Image placeholder

Al 41 jaar ben ik gepassioneerd door journalistiek. Het ontdekken van nieuwe verhalen en het delen van informatie motiveert mij elke dag.